Nederland ontbeert een Grondwettelijk Hof als enig land in Europa. Rechterlijke willekeur is dan ook dagelijkse praktijk

Geconstateerde rechtsweigering ter protectie van de belangen van de minister van Financiën

IRM . . Juristen . . EU Grondwet <==> SDN . . Klokkenluider . . N.C. Burhoven



Nog meer corruptie in rechterlijke macht

door: Redactie op dinsdag, 10 februari, 2004 @ 08:09

BENOEMING VAN DE 'DRIE VAN ARNHEM': ZALM ZWIJGT

Kun je het met chantage in Nederland tot raadsheer schoppen? Op 1 december 2003 is bij de Raad van State daarover openheid geëist van Gerrit Zalm. De minister van Financiën weigert namelijk halsstarrig uitleg te geven over de gelijktijdige benoeming in 1999 van drie juristen van het ministerie van Financiën tot raadsheer bij het Gerechtshof van Arnhem. De 'Drie van Arnhem' maakten deel uit van een geheimzinnige projectgroep op Financiën, die van 1996 tot 1998 onderzoek gedaan zou hebben naar het fiscale gedrag van vooraanstaande politici en bestuurders als Lubbers, Peper en Leemhuis-Stout. Dit onderzoek zou zijn stilgelegd op aandringen van oud-premier Lubbers, de huidige hoge commissaris voor vluchtelingen van de Verenigde Naties. Van één van de 'Drie van Arnhem' is met zekerheid bekend dat zij valsheid in geschrift gepleegd heeft en bovendien belasting ontdoken.

Als toenmalig gerechtsauditeur fiscale zaken van de Hoge Raad is mr. Tilleke de Kroon echter nimmer veroordeeld. Wel stelde de Nationale Ombudsman vast hoe zij vanuit haar functie bij de Hoge Raad misbruik gemaakt heeft van haar bevoegdheden. De belasting gaf de gerechtsauditeur ten onrechte privé-gegevens van haar ex, een misdrijf dat de toenmalige minister van Financiën Wim Kok, op het oordeel 'onbehoorlijk gedrag' van de Ombudsman kwam te staan. Evengoed weigerde Kok als premier in 1998 een onderzoek naar zijn voormalige medewerkster te laten instellen. Tot drie maal toe werden er vragen in de Kamer over haar gesteld; zonder veel effect.

Minister van Financiën Gerrit Zalm weigert eveneens openheid van zaken te geven, omdat dit in strijd zou zijn met de 'privacy'. Van minister van Justitie Sorgdrager viel al helemaal niets te verwachten, omdat die als procureur-generaal van het Hof in Den Haag al in een eerder stadium geweigerd had vervolging in te stellen. Dit ondanks het feit dat ook het fiscale gedrag van mr. de Kroon verdenkingen had opgeroepen. Maar ondanks een FIOD-onderzoek (waarvan Zalm de inhoud achterhoudt), langdurige schorsing en uiteindelijk ontslag bij het ministerie van Financiën, en ondanks een klacht bij minister van justitie Korthals, kon mr. de Kroon op 7 juni 1999 toch samen met twee collega's, mr. Valk en mr. Kooijmans, benoemd worden tot raadsheer van de fiscale kamer van het Gerechtshof Arnhem. Waarnemers spreken van 'zwijggeld'.

Het luchtje aan de benoeming van de 'Drie van Arnhem' is nog versterkt door naderhand vervalste benoemingsdata, die bijvoorbeeld op www.rechtspraak.nl te vinden zijn. De oorspronkelijke benoemingsdatum van 7 juni 1999 is namelijk - kennelijk als gevolg van de aantijgingen - door drie andere vervangen. Volgens de huidige opgave zou mevrouw de Kroon op 27 juli, mr. Kooijmans op 24 augustus en mr. Valk op 1 november 1999 benoemd zijn. Zelfs premier Balkenende weigert opheldering te geven; de Nationale Ombudsman dekt dat.

De zaak is aanhangig gemaakt bij de Raad van State door drs. Nico Burhoven Jaspers, van wie mr. De Kroon in 1986 scheidde. Door vervalsing van de handtekening van haar echtgenoot maakte zij zich heimelijk meester van zo'n ZF 120.000 van diens Zwitserse rekening en liet die overschrijven op een rekening op haar meisjesnaam. Dit ondanks het feit dat zij op huwelijkse voorwaarden getrouwd waren. De rechtbank Den Haag stelde in 1994 vast dat de vrouw haar deel gehad heeft, voor haar aanspraken geen bewijs levert en dus geen enkele aanspraak heeft op haar ex. Desondanks weet zij als (voormalig) juriste van de Hoge Raad met alles weg te komen. Want wat gebeurt er? In hoger beroep negeert het Gerechtshof het vonnis van de rechtbank en dekt haar Zwitserse escapade. Vervolgens krijgt de echtgenoot de Hoge Raad tegenover zich in de dubbelrol van (vroegere) werkgever én hoogste rechtscollege. De Hoge Raad dekt het Hof met een onduidelijk eindvonnis. Later krijg zij in kort geding toch nog een 'voorschot'. Omdat uit de eindarresten niet volgt wie aan wie iets schuldig is, loopt de boedelscheiding nu al ruim zeventien jaar. Dit is in strijd met artikel 6 van het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. De feiten van de affaire zijn te vinden op internet (www.sdnl.nl/burhoven.htm).

Nico Burhoven Jaspers, oud-directeur van het IJkwezen in Delft, heeft zich in de loop van de affaire ontwikkeld tot een luis in de pels van het Nederlandse rechtsbestel en voorvechter van het algemeen belang. Hij was oprichter van de stichting Wetenschappelijk Onderzoek Rechterlijke Macht (WORM) en had een groot aandeel in het Rapport Integriteit Rechterlijk Macht (IRM-rapport), dat in 1996-97 bijdroeg tot de verplichte registratie van rechterlijke bijbanen. Zelf zette hij een antecedentenlijst van alle rechters op internet. Het Katholiek Nieuwsblad riep Burhoven Jaspers in 2003 uit tot klokkenluider van het jaar.

De president van het Hof, mr. L.R. van der Weij wil niet op de benoeming van de 'Drie van Arnhem' ingaan. Mr. Tilleke de Kroon, raadsheer van de belastingkamer van het Gerechtshof Arnhem, hult zich in stilzwijgen. De uitspraak van de Raad van State is nog niet bekend.



door: Redactie op vrijdag, 21 mei, 2004 @ 15:54

RECHTSWEIGERING RAAD VAN STATE INZ. 'DRIE VAN ARNHEM'

De Raad van State heeft recent een verrassende uitspraak gedaan. Minister Zalm moet een kopie van het officiële ontslagbesluit van mr. Tilleke de Kroon overleggen. Inmiddels is er een kopie overgelegd die echter niet het authentieke ontslagbesluit kan zijn. Wel levert dit document, hoewel slechts enkele regels lang, een onverwachte onthulling op: het blijkt dat mr. de Kroon door haar werkgever, het ministerie van Financiën, was gedetacheerd bij de Raad van State zelf. De Raad blijkt betrokken bij een affaire waarin het zelf uitspraak doet. Een uitspraak die nu juist tot bestuurlijke openheid had moeten leiden maar het tegengestelde bewerkt: rechtsweigering en rookgordijnen.

De benoeming tot raadsheer van mr. De Kroon als een van de 'drie van Arnhem' geschiedde bij Koninklijk Besluit. Dat brengt de positie van de Majesteit in het geding. De Majesteit is echter ook voorzitter van de Raad van State. Het ontslagbesluit onthult nu dat mr. De Kroon vanuit de Raad van State, om zo te zeggen Majesteits eigen rechtscollege, is overgegaan naar het Gerechtshof Arnhem. En daar doet diezelfde Raad, onder haar formele voorzitterschap, nu ook nog eens uitspraak over.

Voor de goede orde: we trekken hier niet de integriteit van de Majesteit in twijfel, we wijzen er slechts op dat zij als gevolg van dergelijke bestuurlijke manoeuvres in een pijnlijke positie gebracht wordt. Het staatshoofd heeft immers een eed afgelegd, die haar een unieke verantwoordelijkheid geeft voor de naleving van grondwet en wetten, vooral wat betreft de voor het leven benoemde rechters. En let wel: het gaat hier om een rechter die openlijk en gedocumenteerd beschuldigd wordt van valsheid in geschrifte, verduistering en belastingontduiking en van wie vaststaat dat zij langdurig is geschorst bij het ministerie van Financiën, lopende een FIOD-onderzoek. Desondanks is zij bij Koninklijk Besluit benoemd.

Maar laten we nu eens naar het besluit van de Raad van State zelf kijken, want dat is, zoals dat heet, 'rijke leerstof'. Het eerste wat treft, is dat het geen antwoord is op het geëiste. Aan de Raad van State was immers gevraagd uitspraak te doen of minister Zalm al dan niet terecht het argument van privacy heeft gebruikt, om geen nadere inlichtingen over het ontslag van mr. De Kroon te geven. Dát was de kern van de kwestie.

Op het eerste gezicht lijkt de eiser daarin in het gelijk gesteld. De Raad draagt de minister immers op een afschrift van het ontslagbesluit over te leggen. Toch is dat niet de uitspraak waar om gevraagd werd. De passage in het vonnis die daar nog het dichtst bij lijkt te komen, is de volgende: 'De afdeling ziet, (), geen grond voor het oordeel dat de Staatssecretaris () niet () heeft kunnen weigeren deze documenten openbaar te maken'. Deze formulering bevat een oude truc. Rechters passen die graag toe wanneer zij, om wat voor reden dan ook, geen eenduidige uitspraak willen doen. Om een en ander te analyseren, moeten we eerst bedenken hoe een rechterlijke uitspraak principieel in elkaar dient te zitten. Als het goed is, heeft die een drieledige structuur.

De structuur van elke correcte uitspraak kun je weergeven met de drieslag feiten-overwegingen-uitspraak: een ketting met drie schakels, die logisch in elkaar grijpen. Een uitspraak begint met de feiten te noemen waarop de rechter zich baseert. Recht behoort immers te berusten op feiten en niet op fictie. Bij die feiten hoort een eenduidige formulering van het twistpunt, waarover de klager een rechterlijk oordeel wil. Na de feiten volgt het tweede element, de overwegingen. Hierin weegt de rechter de argumenten af, wat logisch tot de uitspraak dient te leiden. Dit derde en voornaamste element, ook wel het 'dictum', genoemd, moet uitdrukkelijk aanwezig zijn, en een eenduidig antwoord vormen op het geëiste. De rechter is immers een professionele beslisser. Als hij gesproken heeft, moeten beide partijen weten waar ze aan toe zijn. Als het goed is.

Maar soms is het niet goed. Laten we opnieuw kijken naar wat in deze zaak nog het meest lijkt op het 'dictum', maar wat staat in de 'overwegingen': 'De afdeling ziet, (), geen grond voor het oordeel dat de Staatssecretaris () niet () heeft kunnen weigeren deze documenten openbaar te maken.' De dubbele ontkenning, nog extra gecompliceerd door de negatieve betekenis van 'weigeren', maakt de zin moeilijk te verwerken. Daardoor ontgaat het de lezer op het eerste gezicht dat de Raad de aandacht verschuift van het geëiste naar het niet-geëiste. Bij nader inzien is het niet de gevraagde uitspraak over de rechtmatigheid van Zalms gebruik van het privacy-argument, maar een ongevraagde uitspraak over het ongelijk van de eiser om dat aan te vechten. De eigenlijke kwestie blijft intussen onbeslist, wat een rechterlijke doodzonde is. Weten we nu of Zalm het recht heeft zich achter het privacy-argument te verschuilen? Nee. Zegt de uitspraak dan dat Zalm zich ten onrechte van dit argument heeft bediend? Nee, ook niet. Feitelijk heeft de Raad dus helemaal geen uitspraak gedaan, wat gelijk te stellen is aan rechtsweigering. De kopie van het ontslagbesluit dient als doekje voor het bloeden.

Een uitspraak heeft precedentwerking. Het is jurisprudentie waarop iedere bestuurder terug kan vallen. De onderhavige uitspraak tast dus de openbaarheid van het openbaar bestuur aan. Onder verwijzing naar dit vonnis kan iedere bestuurder bij een benoeming in de voetstappen van Zalm treden en privacy aanvoeren als reden om geen openheid van zaken te geven. Zo stelt de Raad van State, juist in een zaak die tot bestuurlijke openheid had moeten leiden, de openbaarheid van bestuur buiten werking en blijkt tegelijkertijd zelf met die zaak verstrengeld te zijn. Niet alleen door het nu pas onthulde feit dat mr. Tilleke de Kroon destijds hij de Raad gedetacheerd was, maar ook door de dubbele betrokkenheid van de Majesteit, die zowel voorzitter van de Raad van State is, als degene in wier naam rechterlijke benoemingen plaatsvinden. Het optreden van de Raad van State sluit bovendien aan bij dat van andere rechters in deze zaak. Al achttien jaar, sinds het begin van haar echtscheidingsproces, bevoordelen zij aantoonbaar collega Tilleke de Kroon. Dit is in strijd met ieders gelijkheid voor de wet.

In het bestuursrecht is de Raad van State de hoogste instantie. De uitspraak is een eindvonnis, waartegen geen beroep mogelijk is. Desalniettemin wordt een herzieningsverzoek ingediend.