Karel de Werd

Amsterdam, 1 januari 2004
Hoe verdraagt zich die uitlating uwerzijds met het feit dat honderdduizenden burgers in strijd met art. 17 van de Grondwet geen toegang meer hebben tot de rechter, omdat de griffiekosten en de eigen bijdrage voor pro deo rechtsbijstand zo hoog zijn opgeschroefd, dat zij die niet meer kunnen betalen?
En krijgt men ondanks het voorgaande wel toegang tot de rechter, omdat men financieel niet geheel onbemiddeld is, dan komt men er al gouw achter dat de belangenverstrengeling via de raadsheer en rechter-plaatsvervangers zo'n ongekende omvang heeft aangenomen, dat ter aanranding van een behoorlijke procesgang veelvuldig en straffeloos meineed kan worden gepleegd. Maar ook dat wettig overtuigend op grote schaal kan worden verduisterd, waarop veelvuldig wordt gedwaald. Dit al dan niet opzettelijk. Ja, zelfs dat de bevelen van het Gerechtshof tot het strafrechterlijk vervolgen van meineed door de Officier van Justitie middels fraude in zijn prullenbak verdwijnen, en zodoende door het OM wordt plaatsgenomen op de stoel van de Formele Wetgever en de Zittende Magistratuur.
Dit vaststaande feit is inmiddels op 23 juli en 13 november door de Minister van Justitie mr. P.H. Donner, de voorzitter van het College van Procureurs-generaal J. de Wijkerslooth van Weerdensteijn en door de Nationale Ombudsman formeel erkend. Echter niet eerder alvorens genoemd juridisch geboefte in samenspanning ex art. 80 Sr en onder de verzwarende omstandigheid van art. 44 Sr verwoede pogingen heeft ondernomen om al het wettig overtuigende bewijs terzake middels motivering op arglistig bedrieglijk juridisch volstrekt onvolwaardig niveau te verduisteren. Dat is hen niet is gelukt, anders dan door eigen toedoen; te weten door mijn persoonlijk ingrijpen als ervarings- en motiveringsdeskundige.
Het is u ongetwijfeld bekend, dat de Procureur-generaal mr. Korvinus als zodanig is afgetreden, omdat zij het niet langer aandurfde verantwoording te nemen voor de huidige gang van zaken bij het Openbaar Ministerie. Citaat: "U moet mijn aftreden dan ook zien, als een signaal naar de samenleving, hoewel ik bang ben, dat dit signaal niet zal worden gehoord", aldus deze magistrate in de media.
Mr. Korvinus vreesde namelijk dat na de laatste reorganisatie waarbij het strafrechterlijk vervolgingsbeleid werd gecentraliseerd tot slechts enkele personen, te weten de Minister van Justitie en het College van Procureurs-generaal, een gevaar zou kunnen opleveren voor de samenleving, indien deze enkelen zich zouden inlaten met verkeerde vrienden; nog daargelaten de vraag of zij zelf wel deugen.
Welnu de voorzienige blik van mr. Korvinus is uitgekomen, het OM is in handen gevallen van motiveringscriminelen als P.H. Donner en J. de Wijkerslooth, die bij gebrek aan politiek-journalistieke controle en de zeer ernstige leemtes in de Formele Wet zich hebben ontwikkeld tot een meerkoppig bovenpersoonlijk en totaal gewetenloos juridisch monster, waarschijnlijk ook nog zonder dat zij dat zelf beseffen.
De Duitse psychiater Prof. Doctor Eugen Bleuber beschreef al in 1916 dat dit soort misdadigers als moralistische idioten, redelijk intelligente mensen waren, echter met een totaal afwezig geweten, het absolute niets, het keurig gezicht van het absolute kwaad. Hiernaast treft u één van dit soort, die ter bevrediging van strikt primitieve lustgevoelens Vrouwe Justitia houdt gegijzeld door in strijd met vaste jurisprudentie van de Hoge Raad der Nederlanden hun ondeugdelijke beslissingen te motiveren op arglistig, bedrieglijk en juridisch volstrekt onvolwaardig, ja zelfs achterlijk niveau. Zij allen zijn wat dat betreft verdachten in de zin van art. 27 Sv. Het belastend bewijs tegen hen zijn hun eigen liederlijke motiveringen.
Ik ben het volstrekt met u eens, de vrijheid van meningsuiting is een groot goed, echter geen vrijbrief om te kwetsen nog schaamteloos oordelen te verkondigen over mensen. Elke vrijheid heeft zijn keerzijde in verantwoordelijkheid waarmede gewetensvol moet worden omgegaan. Dat gebied de feitelijke waarheid te eerbiedigen en de medemensen te respecteren. Zou u wat dit laatste betreft zich niet eens kunnen wenden tot de Johan de Wijkerslooth de Weerdesteyn, Piet Hein Donner en Roel Fernhout, of soortgelijk juridisch geboefte ?! Die zijn in samenspanning ex. art. 80 Sr en onder de verzwarende omstandigheid van art. 44 Sr ter aanranding van de Nederlandse Rechtsorde toegetreden tot een criminele organisatie ex art. 140 Sr. Daarbij er vanuitgaande en gelet op hun maatschappelijke status en het gebrek aan journalistiek-politieke controle en de leemtes in de Formele Wet dat de pakkans vrijwel nihil zal zijn; en zij nimmer tot verantwoording kunnen worden geroepen voor hun minder sociaal onwettig gedrag.
U formuleerde het in uw kerstrede prachtig. Elke vrijheid heeft zijn keerzijde, de feitelijke waarheid dient te worden eerbiedigd evenals de Formele Wet en Internationale Verdragen. Vandaar dat ik mijn ernstige beschuldigingen met betrekking tot genoemd juridisch geboefte voor de volle 100%, en niets minder dan dat, heb gestaafd met wettigovertuigend bewijs. Het zou meer dan van den zotte zijn indien niet het geval.
Voorts heeft u het in uw kerstrede over het respecteren van de medemens. Maar geldt dit niet wederzijds? Verdient het juridisch geboefte Donner, de Wijkerslooth, Fernhout en of soortgelijk juridisch gespuis respect. Dit terwijl zij veelvuldig datgene verkrachten wat door u het hoogste goed van de mensheid wordt genoemd? Na jarenlange twist tussen mij en het OM over het plegen en laten plegen van meineed en het niet opvolgen van de bevelen van het Gerechtshof tot het strafrechterlijk vervolgen daarvan, heeft het juridisch uitschot op 23 juli en 13 november 2003 deze misdaad formeel erkend.
Zij sanctioneerden dat het OM in strijd met de Grondwet, Formele Wet en Internationale Verdragen heeft plaatsgenomen op de stoel van de Formele Wetgever en de Zittende Magistratuur, ja zelfs op uw troon. Maar dat niet eerder alvorens zij verwoede pogingen hadden ondernomen tot het verduisteren van al het wettigovertuigend bewijs daarvan. Dat is hen niet gelukt anders dan door eigen toedoen. Te weten: door mijn persoonlijk ingrijpen als ervarings- en motiveringsdeskundige. Nu resteerde mij nog slechts het wapen van de vrijheid van meningsuiting via de pen en een gezonde geest tegen hun ambtelijke misdrijven als schild voor de democratische rechtstaat, voorzover nog aanwezig. Dit niet eerder alvorens ik alle juridische middelen daartegen heb uitgeput, waarvan akte!
Ik heb daartoe Johan de Wijkerslooth van Weerdenstein als voorzitter van het College an Procureurs-generaal verzocht, voorzover nodig daartoe gesommeerd, op straffe van rechtsgevolgen mijnerzijds, eindelijk de feitelijke waarheid, gestaafd door overvloedig wettig overtuigend bewijs, formeel te erkennen of daaraan onderdoor te gaan. Majesteit, tot mijn verbijstering, bleek genoemd individu zo geestesziek, dat hij voor het laatste heeft gekozen en hij niet alleen.
Inmiddels heeft de heer Veldman van de Binnenlandse Veiligheidsdienst in opdracht van Donner met mij gesproken en maakte hij daarbij kenbaar, dat ik zowel Donner als de Wijkerslooth onherstelbaar had beschadigd. Op mijn vraag aan de heer Veldman en wat denkt u wat er met mij en mijn gezin is gebeurd als gevolg van het zeer ernstig ambtshalve falen van het OM als wetshandhaver, antwoordde de heer Veldman: "Ik zou het niet weten, hoe ik zou hebben gereageerd indien mij dat was overkomen". Mijn antwoord hierop was, dat men integere topjuristen niet onherstelbaar kàn beschadigen, tenzij zij zelf zover in zaken betrokken zijn die het daglicht niet kunnen verdragen, zodat zij ambtshalve niet meer deugdelijk kunnen functioneren.
De verkeersofficier van Justitie mr. Spee gaf daar voorkort nog een goed voorbeeld van. Toen hij een afbeelding van hem aantrof op het internet met een Hitlersnor, ondernam hij onmiddellijk juridische actie met als rechtsgevolg dat de verdachte door de politierechter in Lelystad enkel maanden later werd veroordeeld tot 2000 euro boete en een werkstraf van 80 uur voorwaardelijk. De politierechter motiveerde volkomen terecht, dat de vrijheid van meningsuiting geen vrijbrief kan zijn tot het beledigen van ambtenaar in functie. Mr. Spee heeft als Officier van Justitie ambtshalve gefunctioneerd zoals men dat te goeder trouw van hem zou mogen verwachten; en dat wijst er op dat deze man integer functioneert hij dat ook kan, omdat hij in tegenstelling tot Donner en de Wijkerslooth niet betrokken is bij zaken die het daglicht niet kunnen verdragen.
Genoemd juridisch geboefte werd zelfs genoodzaakt om op 16 october 2003 in het Dagblad de Telegraaf te verklaren, "Dat tegen de Werd geen strafklacht zal volgen", ondanks dat hij ruim vijftigduizend afbeeldingen van hen als Adolf Hitler over de gehele wereld heeft gezonden en ondanks dat zij als zodanig op mijn hompage staan afgebeeld die gemiddeld door 2000 burgers per dag word bezocht. Erger nog, bovenstaande foto van de Wijkerslooth werd op 26 november 2003 getoond in het actualiteitenprogramma Twee Vandaag op televisie. Waarbij de verslaggever aan de Wijkerslooth vroeg, weet u wel dat u als voorzitter van het College van Procureurs-generaal op het internet staat met een hakenkruis op uw hoofd? Antwoord: "Dat is mij al geruime tijd bekend, samen met de Minister van Justitie, MAAR DAT LATEN WIJ MAAR ZO!"
Het zal ieder weldenkend mens duidelijk zijn dus ook u Majesteit, dat Donner en de Wijkerslooth zodanig zitten verstrikt in onbetamelijke zaken, dat zij ambtshalve niet meer deugdelijk kunnen functioneren. Dat tot op heden hierover geen vragen in de Tweede Kamer werden gesteld acht ik bijzonder zorgwekkend en uitermate gevaarlijk voor het welzijn en de rechtszekerheid van de gehele Nederlandse Bevolking. Hoezeer het ernstig ambtshalve falen van het OM het functioneren van de Rechterlijke Macht ondermijnd heeft moge u wel blijken uit het feit dat het OM herhaalde malen vergeefs heeft getracht om mij strafrechterlijk te vervolgen wegens enkelvoudige belediging van ambtenaar in functie. Het OM faalde daarbij jammerlijk omdat de politierechter drie keer op rij berustte in zijn/haar wraking, omdat ik met succes aanvoerde als Wrakingsgrond:
Uw ingrijpen als staatshoofd Majesteit is gewenst, zodat ik u nogmaals zeer dringend (overigens met de u toekomende eerbied) moge verzoeken gebruik te maken van uw wettelijke bevoegdheden zoals verankert in de Grondwet, waarop ik u al in eerder stadium heb gewezen; en al uw invloed als Staatshoofd te gebruiken. In ieder geval om een duidelijk signaal af te geven, naar de politiek, dat u wenst dat de burgerlijke rechten van uw onderdanen, zoals verankerd in de Grondwet, de Formele Wet en Internationale Verdragen zonder enig voorbehoud worden gerespecteerd. Maar ook dat de ongekend grote schade die mij en mijn gezin werd toegebracht als gevolg van de gepleegde onrechtmatige overheidsdaden, middels een Akte van Dading wordt vergoed, bij gebreke waarvan de uitvoerende organen van de Formele Wetgever mijnerzijds niet worden erkend.
Het spreekt vanzelf, dat ik u persoonlijk zou kunnen informeren tot in de kleinste details aan toe onder overlegging van wettig overtuigend bewijs indien u dat wenselijk acht. Het heeft ondanks zijn ministeriele verantwoordelijkheid geen zin om dit schrijven ter afhandeling door te zenden naar minister Donner. U begrijpt, in dat geval komt men bij den duivel te biecht. Dat heeft hij in eerder stadium bewezen, door doorzending uwerzijds niet serieus te nemen.
Tot slot laat ik u ter uwer informatie nog weten, dat het Gerechthof ´s-Gravenhage terzake nog heeft te beslissen of aan de Officier van Justitie een vierde bevel ex art. 12i Sv in dit conflict tussen mij en de Staat de Nederlanden dient te worden gegeven. Dit keer tot het strafrechterlijk vervolgen van de verdachte Johan de Wijkerslooth de Weerdesteyn, wegens deelneming aan een criminele organisatie ex art. 140 Sr en in samenspanning met Piet Hein Donner ex art. 80 Sr, onder de verzwarende omstandigheid van art. 44 Sr ter aanranding van de Nederlandse Rechtsorde gepleegd.
Resteert mij nog U in het komende jaar een goede gezondheid en veel wijsheid terzake te wensen.
Met eerbied en Hoogachting,
K.H. de Werd,
Amsterdam 1 januari 2004
Paleis Noordeinde
's-Gravenhage
Van: K.H. de Werd
Faxnummer: 06-52294249
Telefoon werk: 06-52294249
Hartelijk Dank voor uw kerstrede voorzover publiekelijk van belang, moge ik daar met uw welnemen als volgt op reageren.
U hebt het in uw kerstrede over rechten die voor iedereen gelden. Het zou een goede zaak zijn en overeenstemmen met uw ambtseed bij uw troonsaanvaarding indien u daar als staatshoofd ook op toeziet.
Dat er in het geheel geen strafrechterlijke en/of civielrechterlijke procedure kan plaatsvinden, omdat het OM heeft plaatsgenomen op de stoel van de Formele Wetgever en de Zittende Magistratuur. Dit omdat zij tot drie keer toe de bevelen van het Gerechtshof ex. art. 12i Sv tot het strafrechterlijk vervolgen van meineed volstrekt heeft genegeerd, c.q. deze in strijd met de Formele Wet, Grondwet en Internationale Verdragen ter verjaring heeft opgelegd, hetgeen Donner, de Wijjkerslooth en Fernhout inmiddels formeel hebben bevestigd, waarvan akte!
Postbus: 36157 1020 MD Amsterdam
e-mail: freespirit01@planet.nl
Verklaring van de vriendin van rechter Eveline van Schaardenburg over de macht van de vakbonden.
Zij sprak corrupt uit onder druk van de vakbeweging om die af te schermen voor juridische gevolgen
Rechter van Schaardenburg accepteerde onder druk meineed van vakbondsbestuurders
Officier van Justitie Mr. Asser blijft weigeren meineed te vervolgen en het getuigenverhoor
Mr. Asser blijft samen met de bonden traineren en rekken van vakantie naar vakantie
De griffier erkent als therapeute de druk en macht van de vakbonden en het onrecht