Aan de Nationale Ombudsman
Uw no. 200207732.
Amsterdam d.d. 24/10/02
Zeerweledelgestrenge heer,
Hartelijk dank voor de toezending van de ontvangstbevestiging van mijn schrijven d.d. 18/10/02.
Als bijlage treft u aan de beslissing van het College van Procureurs-generaal en de wijze waarop men het aandurfde die te motiveren. Uit de ondertekening blijkt dat er werd gedelegeerd tot het niveau van de heer D.J. de Jong.
Eveneens blijkt links bovenaan dat mevr. mr. M.H.M. Vastenavond als contactpersoon terzake functioneert. Daar mag ik dus formeel van uitgaan. Mevr. Vastenavond met wie ik alle contacten heb gehad heeft mij een halfjaar lang in de waan gelaten dat het College van Procureurs-generaal terzake zou beslissen. Ik kon er van uitgaan dat het College op uiterst integere wijze en zorgvuldig wenste te motiveren; vandaar dat er een diepgaand onderzoek diende te worden verricht, wat veel tijd vergde.
Als ik voldoende geduld zou tonen, dan zou ik een motivering van de beslissing krijgen. Zoals men dat op het niveau van Procureurs-generaal en te goeder trouw zou mogen verwachten. Wel nu, eindelijk maakte mevr. Vastenavond mij bekend, dat de beslissing naar mijn postbus was gestuurd. Daar zich enkele dagen later nog niets in mijn postbus bevond, heb ik daarover met haar gebeld. Zij deed verbaasd dat ik de beslissing nog niet in mijn postbus had ontvangen, immers volgens haar zeggen was die mij al enkele dagen eerder toegezonden.
Vervolgens bood zij aan mij de beslissing toe te faxen. Dat is de beslissing d.d. 16 oktober 2002 die u als bijlage aantreft. Tot op de dag van vandaag heb ik nog steeds niet het origineel in mijn postbus aangetroffen. Ik heb de motivering met stijgende verbazing en vervolgens met ultieme verbazing gelezen. Met name het juridisch gehalte van de motivering was zo laag, dat ik het volstrekt uitgesloten achtte dat een College van Procureurs-generaal zich daaraan zou durven wagen. Ik heb dan ook het College verzocht hun handtekeningen onder de mij toegezonden motivering te plaatsen, maar dat durft men niet aan.
Immers in dat geval zou men juridische zelfmoord plegen, omdat men van een College van Procureurs-generaal mag verwachten dat wordt gemotiveerd overeenkomstig het niveau. Ik achtte het dan ook volstrekt uitgesloten dat het College van Procureurs-generaal de beslissing zelf heeft genomen en/of gemotiveerd. Ja erger nog, dat volkomen buiten het Collegé om de beslissing en de motivering is tot stand gekomen. En die conclusie mijnerzijds - al naar enkele minuten uit de motivering getrokken - bleek volstrekt juist.
Ik belde mevr. mr. Vastenavond en zij bevestigde dat niet College van Procureurs-generaal de beslissing had genomen en/of gemotiveerd, maar zij zelf! Tijdens de vele gesprekken die ik met haar heb gehad, maar ook uit wat zij mij heeft toegezonden, heeft zij altijd doen voorkomen dat het Collegé van Procureurs-generaal tijd nodig had omdat genoemd College bijzondere aandacht wenste te besteden aan haar te nemen beslissing zodat ik wat betreft juridische kennis integerheid en ervaring betreft van het College Vakwerk kon verwachten.
Toen ik haar kenbaar maakte dat ik het volstrekt uitgesloten achtte dat het College van Procureurs-generaal het nimmer zou wagen een beslissing op juridisch onvolwaardig niveau te motiveren, toen bekende zij pas dat zij zelf degene is geweest die de beslissing had genomen en gemotiveerd en omdat zij begreep dat zij door de mand was gevallen.
Mevr. Vastenavond is contactpersoon van het College van Procureurs generaal. Zij heeft in overleg met enkele collega's de beslissing genomen en gemotiveerd, hetgeen zich vertaalt in het juridisch niveau wat ik heb aangetroffen. De feiten worden onjuist en/of onvolledig weergegeven; en zodanig dat mij daaruit is gebleken dat er nauwelijks enig onderzoek heeft plaatsgevonden. Waarbij men niet schroomt om een beroep te doen op de gerechtelijke dwalingen die bij Rechtbank en Gerechtshof tot stand hebben kunnen komen, omdat het OM zich ondanks art. 4,29 en art. 1l lid c juncto 12 Ro en art. 207 lid 1 en 2 Sr zich formeel op het standpunt heeft gesteld: 'dat het veelvuldig plegen van meineed niet strafrechterlijk dient te worden vervolgd!'
Evident waaraan de Officier van Justitie tot twee keer toe op mijn verzoek ex. art. 12i Sv werd bevolen tot het dagvaarden van de meinedige verdachte te weten A.G. Bargerbos en G. de Lange. Die twee bevelen op zich zeggen al meer dan voldoende over de decadente wijze waarop het OM terzake heeft gefunctioneerd. Maar dat geld ook voor het hierna volgende.
Uit de motivering blijkt in ieder geval dat niet wordt betwist dat beide bevelen er zijn geweest. Men stelt zich vervolgens op gespannen voet met de waarheid op het standpunt dat is voldaan aan de opdracht - lees het bevel - van het Gerechtshof tot het vervolgen van A.G. Bargerbos. Omdat terzake een dagvaarding werd uitgebracht echter met het uitbrengen van een dagvaarding heeft men nog niet aan gegeven bevel voldaan, immers daar behoren strafrechterlijke procedures op te volgen.
Men beroept zich erop dat dit ook is gebeurd. Welnu hier komt het OM in tegenspraak met zichzelf, immers de betrokken Advocaat-generaal mr. C.A.P.C. van Riel heeft formeel cassatie ingesteld, omdat hij met mij van mening was dat Rechtbank en het Gerechtshof de grondslag van den tenlastelegging heeft verlaten. Mr. van Riel was het volstrekt met mij eens dat ondanks de uitgebrachte dagvaarding er formeel nimmer een meineedprocedure heeft plaatsgevonden.
Mr. van Riel, hij liet mij weten en ik citeer: "De Werd, ik weet dat jij alles op de band opneemt en toch zeg ik je dat de meinedige verdachten, zijn allen vrijuit gegaan via een onjuiste procesgang, dat houd ik als een paal boven water, ook ten aanzien van de media, daar heb ik j"een enkele moeite mee Jij weet als geen andere hoe ernstig de gevolgen van meineed kunnen zijn dat heb jij helaas aan den lijve moeten ervaren. Einde citaat!
Nu het OM formeel met mij van mening is dat de meinedigen vrijuit zijn gegaan is een onjuiste procesgang formeel nog eens onderschreven met het cassatiegeschrift van genoemde Advocaat-generaal. Hij 'vergat' daaronder zijn handtekening te plaatsen, zodat de dwalingen van Rechtbank en Gerechtshof in kracht van gewijsde kon treden. Is het niet van den zotte, dat thans door het O.M wordt beweerd dat er een meineedprocedure feitelijk heeft plaatsgevonden, formeel was daar zelfs bij benadering geen sprake van! Waarvan akte!
Natuurlijk volgde op de dagvaarding van A.G. Bargerbos vrijspraak Die vrijspraak ademt meer de sfeer van ernstig handelen en/of nalaten dan van behoorlijke rechtspleging. Voor het requisitoir bij het Hof liet Mr. van Riel in een bomvolle zittingszaal weten: Alvorens ik aan mijn requisitoir begin, zijn hier in de zittingszaal aanwezig de heer en mevr. de Werd. En thans ben ik gehouden mijn excuus aan de Werd aan te bieden; immers wie heeft er niet gehoord in de wandelgangen en/of de media over de affaire de Werd.

En ik dacht toen: die man die ook mij daarover lastig viel, dat is een enorme querulant. Wat hij beweert dat kan misschien en het buitenland Italië of waar dan ook, maar toch niet in Nederland? Met die vooringenomenheid ben ik het dossier gaan lezen en toen werd mij duidelijk dat die man door iedereen aan alle kanten is pootje gelicht, er dat er veelvuldig meineed is gepleegd.
Als ik met dit dossier schud dan rollen de valse verklaringen eruit! Ik heb met mijn vooringenomenheid de Werd onrecht aangedaan, wat zeg ik, ontstellend veel onrecht aangedaan. Door via mijn vooringenomenheid zo te denken als ik over hem dacht De verdachte heeft veelvuldig meineed gepleegd en hij zeker niet alleen en daarmede het wezen van onze rechtstaat aangetast en de Werd in zijn procedures ernstig benadeeld hij volhard daarin en ik eis zes maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf!
Overigens niet alleen mr. van Riel heeft via zijn cassatiegeschrift geprotesteerd tegen het verlaten van de grondslag van de tenlastelegging. Ook zelf heb zo fel daartegen geprotesteerd zodat ik wegens ordeverstoring de zittingzaal moest verlaten. Het werd één grote kermis, waarbij de verdachte en consorten werden bijgestaan door drie advocaten! En één van hen werd zelfs opgesloten in een politiecel wegens meineed, waarbij mr. van Riel vroeg aan de advocaat van de verdachte: "waarom vraagt u mij niet, waarom ik niet al uw getuigen laat arresteren?".
De advocaat zweeg. Hij besefte dat Mr. van Riel dat probleemloos zou kunnen doen. Het voorgaande spreekt voor zich. Ook tijdens de vervolging van A.G. Bargerbos werd er veelvuldig meineed gepleegd waarop door de zittende magistratuur kon worden gedwaald en de zittende magistratuur deed dat ook! Daarbij komt nog dat de meinedige verklaringen voor het eerst werden opgenomen bij het Civiele Gerechtshof door Mr. L.W.M.M. Drabbe. Deze toonde duidelijke waarneembare verschijnselen van geestelijk afbraak. In de wachtkamer van het VU-ziekenhuis zat hij als een zielig vogeltje te wachten op zijn bestralingen, waarbij zijn vrouw hem voortdurend over zijn hoofd streelde om hem te troosten. Tussen de bestralingen door ging hij even naar het Gerechthof om daar ondanks mijn felle protesten de meinedige verklaringen op te nemen en korte tijd later was hij dood! Over die gang van zaken heb ik een boek geschreven van 380 blz. Getiteld de Geheimen van Vrouwe Justitia. En dit is zo ernstig dat daarom het O.M weigerde om meineed te vervolgen.
Volgens de Officier van Justitie Mr. R.W. Asser heeft het Gerechtshof zelf op z'n minst meineed uitgelokt en de rechtbank onder voorzitterschap van Eveline van Schaardenburg zich nooit over de vraag uitgelaten of er meineed werd gepleegd. Ook mr. van Riel laat formeel weten, dat het Gerechtshof onder voorzitterschap van mr. Wederven vrijwel al het belastende bewijsmateriaal volstrekt heeft genegeerd. Mr. R W Asser zegt hierover en ik citeer: Dat er veelvuldig meineed werd gepleegd dat zelfs bij het OM. in ruime kring bekend! Dat daarbij de Werd ernstig onrecht werd aangedaan dat staat buiten iedere kijf Het Gerechtshof heeft de niet benijdigenswaardige taak om aan de Werd uit te leggen waarom het heeft gefunctioneerd zoals het heeft gedaan. Kortom het OM beschuldigt onomwonden de Zittende Magistratuur van ernstig falen en nu opeens beroept men zich op het feit dat Bargerbos is vrijgesproken. Beter gezegd het OM spreekt terzake met twee tongen. Het voorgaande blijkt allemaal uit de formele documenten kennelijk heeft men nauwelijks onderzoek gepleegd doch een halfjaar lang het dossier in de onderste bureaulade laten verdwijnen. Vast staat dat mevrouw Vastenavond meerdere malen op vakantie is geweest, waarbij ik kreeg te horen dat er voor haar werkzaamheden geen vervanger was.
De motivering over het bevel van G. de Lange is bijzonder kwalijk, omdat alles er op wijst dat men in ieder geval geprobeerd heeft om dat bevel te verduisteren. Toen men begreep dat dit niet haalbaar bleek heeft men de gevolgen via bijna onnavolgbare en met een onbegrijpelijke redenering getracht weg te nemen. De feitelijke situatie is als volgt!
Ik had herhaalde malen hulp aangeboden om het onderzoek zo snel en goed mogelijk te laten verlopen, immers ik ken de affaire vrijwel uit het hoofd. Daarop werd mij gevraagd, of ik de datum, het parketnummer van het tweede bevel kon geven. Uiteraard heb ik dat gedaan, zelfs met de namen van de Raadsheren erbij, om geen misverstand er over te laten bestaan dat ik over een schaduwdossier beschikte!
Ik vroeg mij wel af waarom mij die gegevens werden gevraagd, immers het tweede bevel van het Gerechtshof bevond zich ook in het procesdossier dat het College onder zich had. Op pagina 4 van de motivering werd mij de situatie duidelijk. Men heeft mij om die gegevens gevraagd, om zich er van te overtuigen of ik wel dat tweede bevel zou hebben. Indien niet het geval was, dan kon men het gewoon verscheuren, met de mededeling er is nooit een tweede bevel geweest! Dat het wel degelijk de bedoeling was om wettig en overtuigend bewijs te laten verdwijnen moge blijken uit de feitelijke omstandigheid dat het College'- lees de contactpersoon mevr. Vastenavond - terzake 'n vrijwel achterlijke redenering er op nahoudt.
Ik citeer: "Het college heeft geen gegevens waaruit blijkt dat de heer G. de Lange vervolgens niet is gedagvaard. In de archieven en registratiesystemen van het Arrondissementsparket Amsterdam is daarvan niets bekend, ook voormalige officieren van Justitie konden hierover geen duidelijkheid verschaffen." Einde citaat.!
Welnu, meteen valt al op dat geen namen worden genoemd over welke officieren van Justitie men het heeft. Daarbij komt nog er was maar één betrokken officier en dat is mr. R.F. Asser. Die het tweede bevel heeft gekregen en dat bevel vervolgens onderdak in zijn prullenbak heeft verleend! Daarbij komt ook nog dat als een strafrechterlijke procedure zou zijn gevolgd tegen G. de Lange, dat ik dan evenals bij A.G. Bargerbos als getuige van de Officier van Justitie en/of de advocaat-generaal zou zijn opgetreden. En ik ben rechtstreeks belanghebbende die de gehele affaire van minuut tot minuut heeft meegemaakt. Ik ken hem als geen ander! Zou ik dan niet hebben geweten of G. de Lange werd vervolg? Reken maar!! Hij werd aantoonbaar niet vervolgd!
Dat men in de archieven daarover niets terug vindt dat is toch volstrekt logisch! Als er ondanks het bevel van het Gerechtshof geen dagvaarding door de Officier van Justitie wordt uitgebracht, dan vindt er ook geen strafrechtelijke procedure plaats. Dus vindt men daarover niets terug in de archieven! Zo simpel is dat.
In de motivering trekt men de conclusie dat er niets te vinden valt, waaruit blijkt dat de dagvaarding niet werd uitgebracht. Wat moet ik met zo'n kronkelredenering? Men stelle zich dat eens voor. Wat zou men dan in de archieven moeten aantreffen indien niet werd vervolgd? Precies, helemaal niets! Wat zou men aantreffen indien wel werd gedagvaard? Precies, in dat geval treft men in de archieven de procesdossiers wel aan. Dus we zijn het er nu eindelijk over eens G. de Lange nimmer werd gedagvaard en dit houd in dat er ondanks twee bevelen van het Gerechtshof er formeel nimmer een meineedprocedure heeft plaatsgevonden. Ik heb uit telefoongesprekken begrepen dat men nu zich er op tracht te beroepen dat de stukken uit het archief zijn verdwenen, ook dat zal weinig helpen. Immers, waarom vraagt men niet gewoon aan de meinedige verdachte G. de Lange zelf of hij ooit terzake meineed werd gedagvaard?
Als antwoord daarop kreeg ik te horen: "Mr. R.W. Asser kan men dat niet vragen omdat hij geen Officier van Justitie meer is; hij is nu namelijk een gewoon burger!" Nationale Ombudsman wat moet ik met dit soort dubieuze antwoorden. Genoemde Officier van Justitie R.W. Asser woont in Amstelveen, Amstelhoven no. 3, postcode 1181 PA Amstelveen.
Het had toch een kleine moeite geweest om die man even te bellen, of even langs te gaan? Immers Mr. R.W. Asser is de Officier van Justitie die het tweede bevel in zijn prullenbak liet verdwijnen. Die zou dat ook best kunnen vertellen. Misschien ga ik zelf wel even bij hem langs, want de verstandhouding tussen mij en genoemde officier is altijd prima gebleven. Ondanks alles was er altijd wederzijds respect. Dat geld ook voor Mr. van C.A.P.C. van Riel. Tot voorkort was ik nog bij hem op de koffie in Alkmaar. Hij begeleidde mij zijn Rechtbank uit met de mededeling: "Iedereen in dit gebouw weet dat ik bijzondere gasten begeleid tot aan de voordeur. En jij de Werd, bent voor mij een heel bijzondere gast". Zowel genoemde Officier als Advocaat-generaal weten beide net als de Werd wat dat zegt. Dan is het zo en de Werd zegt het nogmaals: G. de Lange werd nimmer gedagvaard; waarvan akte!
Dat men blijkens de motivering tegen al het wettig overtuigend bewijs in doet voorkomen alsof de bevelen van het Gerechtshof niet middels ernstig handelen en/of nalaten werden genegeerd verbaast mij in het geheel niet. Immers niet voor niets is de Procureur-generaal mr. Korvinus afgetreden omdat zij de gang van zaken bij het OM niet meer voor haar verantwoording durfde te nemen. "U moet mijn aftreden dan ook zien als een signaal naar de samenleving, hoewel ik bang ben dat dit signaal niet zal worden gehoord", aldus genoemde Magistate in de media!
Wat het tweede bevel van 31 juli 1986 betreft, daar komt men wel met een zeer kromme redenering. Ik citeer: "Het College merkt op i.v.m. het bevel van het Gerechtshof van 31juli 1986 G. de Lange te vervolgen wegens meineed, opdat niet aannemelijk is geworden dat de door u gestelde schade is ontstaan tengevolge van het door u gestelde nalaten van het O.M."
Welnu ook hier spreekt de motivering met twee tongen, immers zowel mr. van Riel als Mr. Asser hebben in formele documenten er geen enkele twijfel over laten bestaan, dat mij als gevolg van de vele meinedige verklaringen ernstig onrecht werd aangedaan en ik benadeeld ben.
Daarbij komt nog dat het OM wordt geacht met mij te weten, dat de kans op een behoorlijke rechtsgang vrijwel wordt uitgesloten indien op zo'n grote schaal meineed wordt gepleegd. De politiefunctionarissen Oud en Keesman verklaarden zelfs voor TROS Aktua-TV dat zij de affaire zeer diepgaand hebben onderzocht en dat hen daarbij is gebleken dat er zo openlijk en veelvuldig meineed werd gepleegd, dat daarover bij alle aanwezigen in de Rechtszaal geen enkele twijfel kon bestaan!
Het gevolg van het voorgaande was inderdaad dat voor mij - in strijd met de Formele Wet en Internationale Verdragen - de gang naar de Rechter volledig werd afgesneden. De advocaat van de verdachte Bargerbos verklaarde in de rechtszaal: "Mijn cliënt heeft geen meineed gepleegd, doch onder ede met de waarheid gespeeld!"
Overigens heeft de verdachte Bargerbos een volledige bekentenis afgelegd, zoals vastgelegd in Ambtsedig Proces-verbaal van de genoemde Politiefunctionarissen. Echter ook die werd door Rechtbank en Gerechtshof volstrekt genegeerd. Natuurlijk werd er niet voor niets veelvuldig meineed gepleegd. Ik heb het bijgehouden en ik kwam in totaal op 68 keer! Jawel u leest het goed 68 keer! De bedoeling daarvan is om een behoorlijke rechtspleging volledig uit te schakelen en dat is terzake voor de volle 100% gelukt! De schade zowel materieel als immaterieel is enorm. Mijn bouwbedrijf ging ter ziele omdat acht maanden lang een ondeugdelijk beslag werd gelegd; zelfs zonder van waardeverklaring, waardoor 48 vakbekwame timmerlieden hun baan verloren. Jarenlang werd ik met mijn gezin gegijzeld in langdurige meinedige procedures, mijn geliefde vrouw zelfs tot aan haar dood.
De zaak kon escaleren waardoor ik zeven maanden voorlopige hechtenis kwam te zitten. Wat dat betekent voor een gezin met kleine kinderen, behoeft geen nadere toelichting. Mijn levensgeluk en van mijn gezin werd totaal verwoest en nu ben ik afhankelijk van daklozenhulp geworden. Van alom gerespecteerd zakenman met een omzet van drie miljoen gulden per jaar tot dakloze, dat zijn de rechtstreekse gevolgen indien via meineed de weg naar de rechter wordt afgesneden.
Het is misdadig in overtreffende trap! En dan komt het College met de opmerking dat het niet aannemelijk is dat er schade zou zijn geleden als gevolg van het door mij gestelde nalaten van het OM terzake. Welnu de Formele Wetgever is hier duidelijk over. Schade uit onrechtmatige daad schept verbintenis vanuit wet van diegene die de schade heeft veroorzaakt. In dit geval dus de Zittende en Staande Magistratuur - lees de Staat - en is gehouden alle schade te vergoeden. Die schade wordt mijnerzijds begroot op ongeveer 12 miljoen euro. Ik sluit zeker niet uit dat het een veelvoud daarvan kan worden indien schade-experts worden ingeschakeld. Vervolgens beroept men in de motivering zich op verjaring. Kennelijk toch maar voor alle zekerheid!
Welnu wat de verjaring betreft die gaat pas lopen wanneer geen verzet wordt gepleegd. Ik heb vanaf 1978 alle betrokkenen die scheve schaats hebben gereden - om het zo maar even te zeggen - herhaalde malen formeel in staat van beschuldiging gesteld voor de door hen veroorzaakte schade en vanaf die datum ononderbroken verzet gepleegd en ben daar nog mee bezig. Een voorbeeld zodat u inzicht heeft op welke een wijze men aansprakelijkheidsstelling laat verdwijnen, geef ik u bij deze.